De dagen zijn aleatorisch

Standaard

ergens in de avond vraagt iemand hoe je dag was
je zegt: mijn dag is nog niet zo lang bezig
je vraagt: welke dag is het eigenlijk?
iemand zegt: dinsdag of zo, maar ik wou dat het al weekend was, maar dat is nog zo lang
je berekent: nog drie dagen
voor iemand: woensdag, donderdag, vrijdag
voor jou: willekeurige dag, willekeurige dag, willekeurige dag
maar hoe was hij?
wie?
je dag
o, zozo, zoals alle andere, maar dan anders
hoe anders?
gewoon, anders
gewoon anders?
gewoon, anders, als in: er is net als alle andere dagen niets gebeurd
je bent een dag ouder
hebt een dag minder te leven
en morgen is die minder nog minder dan nu
denk je
of hoop je
of vrees je
dat zie je morgen wel
de dagen zijn aleatorisch
om maar te zeggen
vandaag gaat het wel